vrijdag 8 augustus 2025

VAN VERGAREN EN SPAREN


Tegenwoordig hebben de meeste studenten een of andere vakantiejob waarbij ze een goeie stuiver verdienen om hun studies te betalen of om hun spaarvarken vet te mesten..

Wij, jongeren van binst of kort na de oorlog, kenden geen vakantiejob.  Toch was er in onze landelijke omgeving  gelegenheid genoeg om onze vrije tijd nuttig in te vullen als  een bezigheidstherapie.

Als de aardappelen op het veld gerooid werden was het tijd om de aardappelen die door de  machine niet geoogst waren  handmatig op te rapen. Onze aardappelvoorraad groeide en moeder kon vele keren “verse patatjes” koken gratis van de boer.   Evenzeer als de tarwe geoogst werd waren wij er bij om de korenaren te verzamelen die de pikdorser had laten liggen. In de taal van Streuvels en Gezelle noemden wij dat “Zanten” nl. vergaren. Wij  vergaarden de korenaren als voer voor de dieren of na verwerking voor voedzaam volkorenbrood op tafel.

In deze tabakstreek trokken wij in juli - augustus met onze picknick voor een ganse dag naar het tabaksveld van mijn grootvader in ”De Roobaert” of bij boer Vanhaverbeke. dichterbij om tabak te naaien. Als de boer of zijn knechten de tabak geplukt hadden zaten wij in het stoppelveld op een strozak om de tabaksbladen  op een lange naald te rijgen en deze door te schuiven op een koord; “een ranke” . Dit bracht ons ongeveer 1fr. de ranke op. Mijn oudste zus was daar rap in en kon meer dan 100 ranken naaien in een dag.
Bij het eind van de werkperiode trakteerde de boerin dan gewoonlijk met “ Koekenbrood en Cacao”.

Maar wij plukten ook de vruchten van de oorlog. In de frontstreek rond Ieper gaf de grond na meer dan vijftig jaar na de wereldoorlog  zijn prijs vrij. In de vers geploegde velden zochten wij  naar ijzerstukken  van de vele bommen en granaten die massaal in de grond zaten. Het werd  als oud-ijzer verkocht en bracht een  goeie cent op voor ons spaarvarken.                                                                                                                         

Langs de Franse grensstreek kon men  in de herfstperiode een zeer lucratieve bezigheid hebben. Het was de tijd om op het bietenveld de onderste rot geworden bietenblaadjes te plukken.. Deze werden per kilo verkocht aan de tabakkervers om ze voor de smokkelaars te mengen tussen de tabak. Om enkele kilo’s bijeen te scharrelen moest je er heel wat voor doen. Maar je moest wel  oppassen voor de commiezen want die lagen op de loer om de geheime tabakkervers te weten te komen.

De opbrengst van al dat bijklussen in onze vrije tijd was niet alleen  voor ons persoonlijk. De opbrengst in natura werd  afgegeven aan moeder voor het huishouden het geld was voor de spaarpot. Zo leerden wij werken voor de gemeenschap en niet altijd voor eigen welzijn.         

          Het spaarvarken  gadget van mijn vroegere  werkgever-bankier vetgemest door bijklussen.

       

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Huisje, tuintje, autootje…

Onlangs keek ik op Play4 naar “komen eten” omdat er niet veel beters was. Men zag er diverse beroemdheden als fotomodel Astrid Coppens , vas...