“ het was 14
dagen dat wij geen brieven gehad hebben en wij moesten niet schrijven, de
brieven vertrokken niet en zoo wat avans van te schrijven als alle brieven
blijven hangen: Nu den oorlog gedaan is, is het is toch ook niet noodig dat men
alle dage schrijft nietwaar, want hier waar we nu zijn is alles vele dierder
dan bachten de kupe Ieder keer dat ik schrijf is he nu 1fr of 2fr voor 5 blaten
Op 12 december laat hij weten dat hij naar Duitsland
moet en denkt dat de oorlog nog niet gedaan is. “ Nu alice, wij vertrekken bij eenige dagen naar
duitschland. Dat zal iets zijn als wij daar zullen toekomen maar ik geloof niet
dat den oorlog gedaan is want er zit noch iets onder dat ze niet kenbaar maken.
Nu dat is wat dat wilt, belgie is liber Gij
zegt dat gijder staat om zot te komen. Ge moet nu op mij niet meer denken, er
zal niets meer gebeuren.”
Daags voor kerstmis stuurt hij van uit Gent fier
als een pauw zijn foto met zijn nieuwjaarwensen ” Ik heb mij ne keer laten
trekken in gent in grand tenu en ik vind dat ik schoone getrokken ben - “Ik kom u een goed en gelukkig nieuwjaar
te wenschen, wel te hopen dat wij in het jaar 1919 allen bij elkaar zullen
zijn. Den schoonen dag zal zeker ook wel
komen in het jaar 19 dat ik zal mogen van den troep afgaan. Wat eenen schoonen
dag zal dat zijn voor ons allen als wij wederom mogen tezamen een nieuw leven
uitoefenen.”
Dramatisch ,enkele weken later is hij overleden aan
Thyphus of Spaanse griep ten gevolge van
ontberingen aan het front Hij beleefde de harde uitzonderlijke winter van 1918 en schrijft
van uit St. Quentin : “Ik laat u weten dat ik nog niet gezond ben.
Het is al den 4den dag. Ik geloof dat het van flauwte is want wij hebben geen
brood meer gehad sedert1 3 dagen door het geweldig onweer op zee want de scheep
aan haven kan niet toekomen en alzoo hebben we geen brood nog vleesch. Ik
geloof dat het belsch leger zal uitsterven Ik ben nog altijd in bed met mijn
vervroren voeten en ik kan in het hospitaal niet gaan want er is geen plaats en
wij vertrekken donderdag toekomende naar het frond.
."Op zijn verjaardag schreef hij:
“, beminde zuster, vandaag is het mijne verjaardag, ben nu juist 20 jaren houd
nu in mijne schoone jaren hier in zulk gevaar zitten en dat er meschien niemand
denkt welk gevaar het is. 't Is tijd dat den oorlog eindig want anders zal ik
het niet houden, nooit meer 2 dagen gezond in mijne schoone jaren."
Reeds in september aan het front schreef hij dat de “korten drank hem had genezen. “ Met mij is het nu ook
veel gebeter. Ben nu daar om trent er deur ( genezen) maar gij zouwt moeten
zien hoe dat ik vemagert ben van alzoo bloed af te gaan en het heeft alzoo mij
veel gekost. 'K heb weer alzoo geen geld niet meer t is nu niet verdronken tenzij
die litre wijn en dat fleschje kortendrank.. Dat heeft mij veel deugd gedaan
want ik heb geheel dat fleschke uitgedronken in een keer. Ik geloof wel
dat het dat is die mij genezen hebt want die drank is goed voor het zeer in de
buik.”
Achiel Vandamme is overleden op 14 februari 1919
in het militair hospitaal van Antwerpen. Hij ligt begraven op het militair ereperk
Schoonselhof in Antwerpen.
p Op zijn bidprentje lezen we: “
Op het ogenblik dat hij de zoete hoop mocht koesteren weldra zijn
geboortegrond en de geliefden weder te zien velde hem de ziekte neder”.
