Mijn moeder had een buurtwinkel, één van de vele die er toen na de tweede oorlog veel bestonden en volgens Unizo nu tot een 6.000 in ons land geslonken zijn.
Men verkocht er algemene
voedingswaren, huishoudgerief, klederen, lingerie en naaigerief.
Een groot deel van haar
klanten kwamen dagelijks over de vloer. Haar klanten kende ze van buiten en van
binnen. Zij was soms voor hen een raadgever, een biechtvader en wist al het
nieuws van de gemeente, de goe en kwa maren.
s Zondags moesten wij langer
in bed blijven. Dan kwamen de klanten van te lande naar de vroegmis, stalden er
bij ons hun fiets en bleven na de mis nog wat hangen om er een koffie te
drinken. De stalling, het toilet, de koffie was gratis service. Probeer het
maar eens in van onze moderne grootwarenhuizen.
Eén woord klinkt nog altijd in
mijn oren. Juist voor dat de deurbel klonk en dat een klant wegging was
het: “ Merci, testjoenendienste” d.w.z.
dank u, 't is tot uwen dienst..
Dienstbaarheid in al wat je
doet, voor het plezier en het nut van uw klant, uw vriend, uw collega, uw
medemens, niet voor het gewin, niet voor een wederdienst.
Dat heeft mijn moeder aan de toog
mij onbewust meegegeven 10 à 20 keer per
dag met de deurbel van haar winkel..
De buurtwinkel van mijn moeder
is als een inspiratiebron voor mijn vrijwilligerswerk.
Van vrijwilligerswerk
gesproken… een verhaal.. Rachelle van bij de buren had het op zich genomen om
de kindjes van de buren van school af te halen met haren auto. Zij had een auto
vol, tot wel acht kindjes. Verstrooid door al dat jong geweld achter haar in
den auto reed ze door het rode licht.
De garde, enkele meters
verder, hield haar tegen, keek eens in de auto en snauwde haar toe: "
madammeke, weet je niet wanneer je moet stoppen ? Pardon meneere, hakkelde Rachelle, “t zijn
niet al de mijne, er zitten er vijf bij van de geburen”.
Doet dan eens
vrijwilligerswerk..
Geen opmerkingen:
Een reactie posten