zaterdag 2 augustus 2025

HUIZENJAGERS

 Kijk jij ook soms naar het programma “ Huizenjagers” op Play4 ?

Daarin ziet men dat jonge kandidaat-kopers op zoek gaan naar hun ideale woning met: een ruime zuid gerichte living , zicht op een weelderige tuin, een comfortabele Master Bed-room, een tweede badkamer, ruimte voor hun hobby, de kinderen of de hond. Noem maar op. En de verkoper leidt hen rond.

Daarbij droomde ik over een rondleiding in mijn ouderlijk huis uit 1920 waar ik geboren en opgegroeid was en waarin ik bijna dertig jaar veel lief en weinig leed gedeeld heb. Na meer dan 120 jaar is de voorfaçade met het H. Hartbeeld in de nis nog steeds hetzelfde gebleven. Benieuwd hoe dat binnen was.

Het was een “ huis van commerce” met winkel en naaiatelier. Achter de winkel had je een ontvangstplaats, zeg maar salon, voorbehouden als paskamer voor klanten. Dan kwam je in de living met lange uitschuiftafel dienstig voor 9 huisgenoten Er was een grote kleerkast waarin wij als kind verstoppertje konden spelen en een grote “ buizestoof “ met bakoven en kookplaat waarop ons moeder heerlijke pannenkoeken bakte wijl je bij een rood gloeiende aarden vuurpot je voeten kon warmen.

Door de living kwam je in een veranda , meer een keuken met gasfornuis en pomp met watersteen. Het was de plaats waar mijn zussen in beurtrol de kook en afwas moesten doen.

Over de living had je een bergplaats die achtereenvolgens diende als kolenkot ,waar in de oorlog onze geit geherbergd was en nog later omgebouwd werd als volière voor mijn talrijke vogels: kanaries en parkieten.

Dan had je de meest gebruikte en kleinste kamer… “ het vertrek”. In een ruimte van anderhalve meter zat je op een gemetste bank met gat boven de aalput. Je keek op een deur met gleuven alsof je in een biechtstoel zat. Ideaal om er mijn godsdienstles te leren. Je kon er ook de gazet lezen die er lag als WC- papier. Waarom wij de WC een “ vertrek” noemden, weet ik niet want, daar gezeten, was je niet van plan rap te vertrekken voor de volgende gast.

Naast de WC was er een bergplaats met groot gemetst fornuis om daarin wekelijks de was te koken. Er was ook een ruimte voor mijn vaders duivenkot. Later werd die heel op het einde van de tuin gebouwd boven de naaiatelier. In de tuin met kippenren en konijnenkot was er ook een Lourdesgrot door mijn vader met as-stenen gebouwd en een hondenkot voor de Duitse schaper van mijn broer en voor Myrza, het schoothondje van mijn moeder.

De tuin gaf een uitweg naar het “ Doelke” , een verbindingsstraatje tussen de Busbekestraat en de Zuidstraat. Het was een geliefde uitvalbasis waar wij konden ravotten in de hovingen van de buren en “ oorlogen “ met de buurtjongens want wij leefden onder de “Duitse bezetting”.

Terug in huis naar boven was er de naaiatelier van mijn zus ,de heimelijke Master Bed-room van mijn ouders, een logeerkamer voor tante Bertha en mijn studeerkamer of waarvoor het bedoeld was.

Met een steile trap naar boven was je in de zolderruimte die twee kamers met 4 grote bedden voor 7 kinderen bevatte. De twee jongsten sliepen bij de twee oudsten en de twee oudste zussen bijeen.

Deze virtuele rondleiding zou geen huizenjager bekoren als een zoektocht naar luxe en wellness. In het huis had elke plek een nostalgische herinnering naar de “ tijd van toen” die ons een warm thuisgevoel gaf om nooit te vergeten.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Huisje, tuintje, autootje…

Onlangs keek ik op Play4 naar “komen eten” omdat er niet veel beters was. Men zag er diverse beroemdheden als fotomodel Astrid Coppens , vas...