vrijdag 3 juli 2026

De knechteschole


 Zuhal Demir wil het schoolbord afvegen en invullen met nieuwe leerplannen, meer lestijden en een efficiënter onderwijs.                                                             Tot mijn twaalfde volgde ik te Geluwe de lagere jongensschool, op zijn Gilw’s genaamd:  de “knechteschole “. Je denkt “what’s in a name?” Een knecht klinkt stoer en is iets voor doetjes. Doch  het betekende ook volgzaam en gezagvol jegens zijn meesters. Zo had Zuhal Demir het in de Engelse elitescholen  gezien.

Na meer dan tachtig jaar kijk ik respectvol naar onze “meesters” uit die tijd.  Hoofdonderwijzer was Joseph Vervaecke met zijn broers meester Hugo en Oswald Vervaecke . Hugo was een strenge, hij durfde wel met een regel op je vingers kloppen of je bij de oren nemen. Evenzo Medard Mathys, maar Hugo Driessens die in het eerste studiejaar stond was een gemakkelijke. Ik denk dat hij ons leerde zingen met o.a. het dorpslied “ Wij zijn geboren Geluwnaren “. Dan had je nog meester Vienne, meester Van Renterghem en Duttellie. Nestor Verbeke was van Menen met Geluwse  roots. Als kroostrijke familievader was hij een vader voor zijn leerlingen. Dan had je nog Jan Verbeke die in het zesde leerjaar stond. Hij was de man van de letteren en had zelf al twee romans geschreven. Hij was mijn favoriet  die mij aanspoorde lid te worden van het jeugd Davidsfonds en veel jaren later mijn metgezel was in het Davidsfondsbestuur.

Er was tucht en gezag in de school zoals veel leraars  het nu zouden wensen. Als de bel klonk diende iedereen in rang voor zijn klas te staan.  En als wij iets mispeuterd hadden waren fysieke straffen goed voelbaar. Nu zou dat een marteling zijn. Toen zei ons vader dat wij er deugd van hadden.

Er was geen digitaal bord noch laptop of tablet maar een zwart bord  met krijtjes en een bordveger. Wij schreven met pen en inkt en daarvoor stak in iedere bank een inktpot. In de plaats van een atlasboek hingen zoals je kunt zien op de foto grote landkaarten aan de muur. Om ‘s winters de klas te warmen stond er een roodgloeiend kolenkacheltje.                                                                                     Alles was gratis. Onze ouders betaalden geen dure schoolrekening. Zelfs kon de meester maandelijks enkele spaarcenten optekenen in het spaarboekje bij de Algemene Spaar- en Lijfrentekas.

De schoolweek liep tot zaterdagmiddag. Na school hadden wij geen huiswerk. Leren gebeurde in de klas met geheugentraining. Wij memoriseerden de gehele catechismus, losten rekenkundige vraagstukken op leerden de vermenigvuldiging tafels.  Bij het declameren van gedichten herinner mij nog goed dit gedicht  “ ’t Zijn droeve tijden als de oorlog woedt en mensen men slacht lijk deren” van  Gentil Antheunis

In mijn schooltijd woedde de oorlog en was er de Duitse bezetting. Ik weet nog een periode dat de school ingenomen werd door de soldaten en les gegeven werd op verschillende alternatieve plaatsen zoals het stadhuis of een of ander lokaal van een herberg. Om de magere oorlogskost te overbruggen kregen wij soms via de ravitaillering tijdens de speeltijd soep bedeeld of een soort Betterfood koek en van die wansmakelijke levertraanolie en dito pillen.

Met de bevrijding van de Duitsers was het ook de bevrijding naar het college, door de knechteschool, flink klaar gestoomd.


                            Schoolfoto met mijn twee jaar oudere broer.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Champagne…

  Als deze heerlijke bubbels uitgespoten worden is er iets te vieren. Is het Wout Van Aaart of Remco op de eretribune van de ronde van Frank...