donderdag 25 juni 2026

Tante Belle


Mijn oudste zus noemde Isabella, misschien naar de mooie Spaanse koningin Isabella van Castiliië. Maar haar neefjes en nichtjes noemden haar Tante Belle op zijn Ghilw’s als tante Bille met een vette “i ”. Niet zo maar want: tante was een uit de kluiten gewassen exemplaar.                                                                                   Niet alleen de kleinen die in sprookjes geloofden maar ook wij alle huisgenoten noemden haar  oneerbiedig tante Bille . Het klonk grappig, het klonk cynisch en zij vond het zelfs oké. Zij voelde zich als een speelbal: weliswaar rondborstig maar leuk en gezellig speels.  Vandaar ook dat zij in de verlofperiode met de familie mee mocht kamperen aan zee te Lombardsyde, of in de Ardennen nabij Laroche.        

Als naaister met een diploma van het pensionaat St Georges had zij een grote dressingkast en was  steeds chique  gekleed als een fee lijk Sneeuwwitje of Assepoester. Als zij op haar mandoline speelde leek zij een soort Tante Terry met leuke verhaaltjes en liedjes van nonkel Bob. Al had zij geen kinderen zij was tot zesmaal doopmeter tot ver in de naaste familie en met Nieuwjaar was zij hun suikertante.

Heel lang is zij ongehuwd gebleven. Kort na haar  vijftig jarig jubileum als maagd kreeg een Wervikse snoodaard van een Vos haar te pakken. Dan was het hek helemaal van de dam en de suiker van de tante. Als gepensioneerde familiehelpster leefde zij voortdurend in vakantiestemming.

Haar verblijf te Wervik werd afwisselend gedeeld in een drie maanden lange overwintering aan de Costa Brava en een zomerverblijf in haar stacaravan te De Haan. Vader die duivenmelker was en nooit één dag vakantie nam en slechts éénmaal op uitstap is  geweest naar De Panne aan zee zou gezegd hebben: “ zij is lijk één van mijn reisduiven, ze kan niet in haar kot blijven”.

Straks begint de vakantie en bijna niemand blijft in zijn kot. Aantrekkelijke reisbrochures lokken naar verre vakantieoorden. De reis kan niet ver genoeg zijn. Men maakt reisplannen, ook mijn valies staat klaar om te vertrekken.

Als ik op reis naar Lourdes in Bordeaux of Parijs in de wachtzaal van het station ben  zie ik dikke stadsduiven  rond de toeristen ongegeneerd  heen en weer trippelen om een graantje te  pikken. Hun enig verblijf is het station. Het zijn geen reizigers maar zij genieten van de kruimels van de toeristen.

Dan denk ik aan mijn vaders reisduiven die wel mogen uitvliegen op een reisvlucht tot in het diepe Zuid Frankrijk en bij thuiskomst ruim hun duivenvoer worden voorgeschoteld.

En jij. Tante Belle, wens ik alle zaligheid op uw ultimate reis hoog boven de wolken.

 


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Champagne…

  Als deze heerlijke bubbels uitgespoten worden is er iets te vieren. Is het Wout Van Aaart of Remco op de eretribune van de ronde van Frank...