Toen ik jong was had ik een andere weet over een loopbaan.
Als twaalf-dertien jarige hadden wij achter ons huis een straatje, het Doelke
genoemd ,waar wij met burenvriendjes loopkoers hielden. Wij namen een traject
van ongeveer 800 meter en liepen enkele rondjes tot de eindspurt. In mijn
jeugdige overmoed dacht ik ooit een marathonloper te worden. Maar niets van, ik
heb de sportievelingen laten lopen.
Hoera al 34 jaar behaalde ik de finish van mijn
beroepsloopbaan en ben ik op pensioen ! Aan de start begon ik vijf jaar te laat en stopte aan de
finish vijf jaar te vroeg. Helaas het kostte mij 5% van mijn pensioen terwijl
ik mijn vijf rondjes van niet gewerkte jaren wegens studie en ziekte moest bij
betalen. Maar toch ben ik nu een vele jaren betaalde en tevreden marathon
loper. Dank u vadertje staat.
Anders was het bij mijn ouders. Zij waren eerder dan dat de
pensioenwet bestond gans hun leven zelfstandigen. Mijn moeder had voor de zorg in het huishouden en het kweken van zeven
kinderen een bij-job als winkelierster. Op
67 jaar genoot mijn vader twee jaren
pensioen van 1500 fr. per maand ! Geƫmotioneerd
door de ervaring van huis uit over het zelfstandigen pensioen en mijn stage in het
C.O.O, de middenstand en de kas voor kinderbijslag handelde mijn proefschrift
als maatschappelijk assistent in 1957 n.a.v. de nieuwe pensioenwet in 1956 over de toestand van de zelfstandige
ouderlingen in casu te Menen
Over de eindeloopbaan voor de berekening van het pensioen
is heel wat heibel en discussie. Pensioen hervormingen bestaan dus nog en niet
zonder slag of stoot zoals de “ pensioen malus “. Terecht las ik dit weekend in De Standaard
daarover een column “In het gezin heb je geen job.”
Zorg voor je gezin is geen baan, geen economisch contract.
Het is een vrijwillige bekommernis in liefde voor elkaar en je gezin. Destijds
hing thuis in onze keuken een koperen plaat met de spreuk die ik nog ken omdat
ik als achtjarige die spreuk moest leren lezen ; “ Daar alleen kan liefde
wonen, daar alleen is het leven zoet waar men alles voor elkander doet !” Zo leerden wij dat ieder zijn taak had in het
gezin, ook de moeder aan de haard.
Mijn moeder en ook mijn vrouw zijn nooit ingeschakeld
geweest in de arbeidsmarkt omdat zij kozen voor een vrijwillige zorg in hun
gezin. In de vijftiger jaren genoot ons
moeder als thuis werkende de premie “ Moeder aan de haard “. Op aandringen van feministen werd die afgeschaft omdat men, volgens hen, vrouwen gevangen hield uit de
arbeidsmarkt in een traditionele rol als huismoeder. Nu wil men dat die rol mee
telt als een must voor hun pensioen.
Misschien
was de premie “Moeder aan de haard” toch geen slecht idee.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten