0p 18 februari 2007 overleed mijn schoonvader Gabriel Versavel, 105 jaar oud! .In augustus zou hij 106 jaar worden. Hij was de oudste man van West-Vlaanderen, nochtans had hij Dr. Lecompte niet geraadpleegd. Wel had hij zijn eigen methode. Toen een reporter, bij zijn eeuwfeest hem vroeg wat hij gedaan had om zo oud te worden en zo fris van geest te blijven gaf hij zijn inmiddels legendarische remedie:
“ De kerk bekijken van binnen, de cafés van buiten en
de vrouwen van ver “
Mijn schoonvader had een goed gevuld leven.
“ Van werken ga je niet dood . Toch moet men eens gaan als men u daarboven
roept.” Zei hij.
Gans het dorp kende hem en werd steevast genoemd als “ Meester Versavel”.
Slechts op 71 jaar is hij op pensioen gegaan als hoofdonderwijzer en
tot lang nadien kwamen oud leerlingen
hun goed of minder goed rapport tonen of zijn raad vragen.
Zijn stokpaardje was het hoofdrekenen en geheugentraining.
Tot kort voor zijn overlijden kon hij met een verbazend gemak grote getallen
vermenigvuldigen. Hij had een hekel aan die rekenmachientjes en had van die
rekentrucjes die door wiskundigen nu als waardevol aanzien.
Hij was ook een man van het buitenschools onderricht, gaf
voor honderden landbouwers uit het omliggende landbouwcursus en voor
verenigingen talrijke voordrachten over het telen en het gebruik van kruiden. Zijn
spreuk was: “ Er bestaat een kruid voor ieder kwaal in nood, alleen niet
voor de dood “ en “Maak van uw maag geen
apothekerswinkel”.
Naast zijn kennis van kruiden had hij een speciale intuïtie, zelfs een
soort helderziendheid als een zesde zintuig. Hij hanteerde als hobby de
pendelroede. Bij honderden was hij geroepen: voor het zoeken van water bij het
steken van een boorput, bij mensen met klachten over schadelijke stralingen of
voor het vinden van verloren voorwerpen.
Als twaalfjarige heeft hij de eerste oorlog gekend en de
vlucht voor de Duitsers meegemaakt. Over de oorlog heeft hij heel wat
opgezocht, schreef er twee boeken over naast een boek “Passendaalse
Herinneringen”. over het sociaal-culturele leven op zijn dorp; Op TV was hij meermaals een getuige van de
gruwelijke oorlog in zijn streek en mensen op de vlucht.
Op taalgebied leverde hij bijdragen over spreuken, vlaamse
gezegden en het dialect. Hij schreef heel wat heemkundige bijdragen in
tijdschriften . Gedurende 75 jaar was hij lid van de fanfare waarvan 40 jaar als
spelend lid en later als bestuurslid. Fit als hij was op zijn 70 jaar gleed hij met
zijn leerlingen mee op de glijbaan en op zijn 100 jaar stapte hij nog mee
achteraan de fanfare
Toen hij met Kerstmis ziek gevallen is en in het
ziekenhuis belandde werd hij na enkele weken weggestuurd omdat hij geen
verpleging meer nodig had. Met de meeste moeite werd een Rust en Verzorgingstehuis
gevonden. " Er was nergens geen plaats in de herberg" voor een
105jarige. Tenslotte verkreeg hij een “ kort verblijf” van maximum 8 weken in het RVT te Moorslede.
Nog een raad: Wie niet op een wachtlijst staat voor een RVT zou best maar rekenen op
een “kort verblijf “ hier op aarde.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten